Voetbal kan mensen verbinden. Een belangrijke wedstrijd, een onverwachte overwinning of een historische prestatie van een nationaal elftal kan duizenden mensen tegelijk de straat op krijgen. Supporters zingen, toeteren, zwaaien met vlaggen en vieren feest. Dat hoort bij voetbal en daar is op zichzelf niets mis mee. In een vrije samenleving moet er ruimte zijn voor emotie, trots en teleurstelling.
Maar er is een duidelijke grens. Wanneer voetbalfeest omslaat in het bekogelen van politie, het afsteken van vuurwerk richting hulpdiensten, het vernielen van eigendommen en het intimideren van omstanders, dan heeft dat niets meer met supportersgedrag te maken. Dan is het gewoon geweld. Dat geldt voor iedere supportersgroep, iedere club en ieder nationaal elftal.
De afgelopen jaren ontstonden er meerdere keren rellen rond wedstrijden van Marokko. Ook na de nederlaag van Marokko tegen Frankrijk liep het in verschillende Europese steden opnieuw uit de hand. In Düsseldorf kwamen grote groepen supporters samen bij het hoofdstation. Volgens Focus gooiden relschoppers flessen en vuurwerk naar agenten. Daarbij raakten meerdere politiemensen gewond en hield de politie verschillende personen aan.
Ook in Amsterdam en Antwerpen meldde de politie onrust, vuurwerk, politieoptreden en arrestaties. In Nederland schreef De Telegraaf dat relschoppers agenten na de wedstrijd bekogelden met onder meer eieren en vuurwerk. In België berichtte Het Nieuwsblad over arrestaties in Antwerpen nadat relschoppers een politiecombi met vuurwerk hadden bestookt.
Rellen rond Marokko-wedstrijden keren steeds terug
Het probleem zit niet alleen in één avond. De herhaling maakt het ernstiger. Een enkele ontsporing kun je nog zien als een uit de hand gelopen voetbalavond. Maar wanneer dezelfde soort incidenten terugkeren in meerdere steden en rond meerdere wedstrijden, dan moet je eerlijk durven zeggen dat er sprake is van een patroon.
Tijdens het WK van 2022 zagen we dat al duidelijk. Na wedstrijden van Marokko waren er in Nederland, België en Frankrijk meerdere ongeregeldheden. In Rotterdam kwam een grote groep supporters samen. De ME moest optreden nadat relschoppers zwaar vuurwerk afstaken en agenten bekogelden. Ook in Den Haag liep het in bepaalde wijken uit op onrust.
Ook Brussel kreeg te maken met rellen na wedstrijden van Marokko. Relschoppers richtten vernielingen aan, beschadigden voertuigen en dwongen de politie om waterkanonnen in te zetten. In Antwerpen hield de politie eveneens mensen aan na ongeregeldheden. Franse steden meldden na de halve finale tussen Frankrijk en Marokko ook confrontaties, vernielingen en geweld.
Een van de meest tragische voorbeelden was de dood van een 14-jarige jongen in Montpellier tijdens onrust na Frankrijk-Marokko in 2022. Dat incident laat zien hoe snel een avond die begint met voetbalemotie kan veranderen in een gevaarlijke situatie waarin niemand nog grip heeft op wat er gebeurt.
Niet alle Marokkanen, wel een zichtbaar probleem
In discussies over dit soort incidenten valt al snel de term “rellende Marokkanen”. Mensen zoeken die term, herkennen hem en gebruiken hem, maar als algemene beschrijving blijft hij te grof. Niet “de Marokkanen” rellen, maar relschoppers rond wedstrijden van Marokko. Zij gebruiken voetbal als aanleiding om de confrontatie met de politie te zoeken.
Dat onderscheid is belangrijk. Veel Marokkaanse supporters vieren normaal feest, kijken met familie of vrienden naar de wedstrijd en hebben niets met geweld te maken. Juist zij krijgen last van het gedrag van een groep die de straat op gaat, vuurwerk afsteekt, agenten bekogelt en de sfeer verpest voor iedereen.
Tegelijk mag dat onderscheid geen reden zijn om het probleem kleiner te maken. Als bij wedstrijden van Marokko in meerdere steden steeds opnieuw dezelfde onrust ontstaat, dan moeten bestuurders, politie en media dat kunnen benoemen. Niet om een hele gemeenschap weg te zetten, maar om duidelijk te maken dat dit gedrag hard moet worden aangepakt.
Waarom vooral Europese steden worden getroffen
Opvallend genoeg melden media de zwaarste rellen niet vooral uit Marokko zelf, maar juist uit Europese steden met grote Marokkaanse gemeenschappen. In Marokko zelf overheersen bij grote wedstrijden meestal beelden van massale vieringen op straat. Die kunnen druk en chaotisch zijn, maar uit steden als Brussel, Rotterdam, Den Haag, Amsterdam, Antwerpen, Parijs en Düsseldorf komen juist de terugkerende meldingen over relschoppers die politie bekogelen, vuurwerk richting hulpdiensten gooien en arrestaties veroorzaken.
Dat maakt het probleem niet kleiner, maar wel preciezer. Het gaat niet simpelweg om “Marokkaans gedrag”. Relschoppers in Europese steden gebruiken wedstrijden van Marokko als moment om de straat op te gaan, groepsdruk op te zoeken en de confrontatie met de politie aan te gaan. Daarom moeten bestuurders het probleem lokaal en concreet benoemen: niet als aanval op een hele afkomst, maar als harde kritiek op een groep die voetbal misbruikt voor geweld.
Voetbalgeweld is geen cultuur, maar crimineel gedrag
Het is belangrijk om scherp te blijven in de woorden die we gebruiken. Een voetbalfeest dat uit de hand loopt, klinkt bijna onschuldig. Alsof het gaat om mensen die iets te enthousiast waren. Maar vuurwerk naar agenten gooien is geen enthousiasme. Flessen naar de politie gooien is geen teleurstelling. Ruiten ingooien, auto’s beschadigen en hulpdiensten belagen is geen voetbalpassie.
Dat is crimineel gedrag. De politie moet geweldplegers oppakken. Daders moeten betalen voor de schade die zij veroorzaken. Het Openbaar Ministerie moet mensen vervolgen die hulpdiensten aanvallen. Niet alleen met mooie woorden achteraf, maar met duidelijke consequenties.
Te vaak omschrijven media en bestuurders dit soort rellen als “onrust” of “spanningen na de wedstrijd”. Zulke woorden maken het probleem kleiner dan het is. Natuurlijk begint het soms met feest. Natuurlijk zijn er ook gewone supporters aanwezig. Maar zodra een groep de politie bekogelt of zwaar vuurwerk gebruikt in een drukke straat, is het feest voorbij. Dan gaat het niet meer om voetbal, maar om openbare orde en veiligheid.
Waarom juist groepsgedrag zo gevaarlijk is
Veel relschoppers voelen zich sterk in een groep. Individueel zouden ze misschien nooit een fles naar een agent gooien, maar in een grote massa verdwijnt de rem. Mensen jutten elkaar op. Vuurwerk, scooters, geschreeuw, vlaggen en sociale media versterken de sfeer. Binnen korte tijd ontstaat er een situatie waarin stoerdoenerij belangrijker wordt dan de wedstrijd zelf.
Dat zie je vaker bij voetbalrellen, ook buiten wedstrijden van Marokko. Groepsdruk speelt een grote rol. Jongeren willen indruk maken op elkaar. Iemand filmt, een ander gooit vuurwerk, de rest juicht. Daarna delen mensen de beelden op sociale media. Zo verandert geweld bijna in een soort straatvoorstelling.
Juist daarom moet de reactie snel en zichtbaar zijn. Als relschoppers merken dat de politie zich terugtrekt of dat er nauwelijks gevolgen zijn, voelen ze zich sterker. Dan groeit de kans dat het bij een volgende wedstrijd opnieuw gebeurt. Niet omdat voetbal dat veroorzaakt, maar omdat mensen leren dat ze ermee wegkomen.
De schade raakt ook gewone bewoners en ondernemers
Bij dit soort rellen gaat de aandacht vaak uit naar de confrontatie tussen relschoppers en politie. Maar de schade is breder. Bewoners voelen zich onveilig in hun eigen wijk. Ondernemers zien hun winkelstraat veranderen in een onrustgebied. Auto’s raken beschadigd, straten liggen vol glas en ouders vragen zich af of hun kinderen nog veilig naar buiten kunnen.
Ook gewone supporters krijgen ermee te maken. Mensen die gewoon met een vlag de straat op willen of samen naar een wedstrijd kijken, belanden ineens in een gespannen sfeer. Zij moeten zich verantwoorden voor gedrag waar ze niets mee te maken hebben. Dat is oneerlijk, maar het is wel het gevolg van de groep die telkens de grens overgaat.
Daarom is het ook in het belang van normale Marokkaanse supporters dat de overheid relschoppers hard aanpakt. Wie echt trots is op Marokko, heeft er niets aan dat wedstrijden telkens worden gekoppeld aan politie-inzet, vuurwerk en arrestaties. Trots laat je niet zien door vernieling, maar door normaal gedrag.
Politiek en bestuur moeten duidelijker zijn
Burgemeesters, politie en politiek moeten duidelijker durven zeggen waar het op staat. Natuurlijk is de-escalatie belangrijk. Niemand wil dat een stad onnodig verandert in een strijdtoneel. Maar de-escalatie mag niet betekenen dat de overheid de straat tijdelijk overlaat aan mensen die geweld gebruiken.
Als bewoners het gevoel krijgen dat de overheid vooral probeert de avond “uit te zitten”, dan verdwijnt het vertrouwen. Mensen willen weten dat hun stad veilig blijft. Ook na een beladen voetbalwedstrijd. Ook wanneer er veel mensen op straat zijn. Ook wanneer de sfeer gespannen wordt.
Als relschoppers complete straten overnemen en de politie structureel aanvallen, moet de overheid opschalen. Eerst met extra politie en ME, daarna met alle wettelijk toegestane middelen die nodig zijn om de openbare orde te herstellen. Niet omdat normale supporters straf verdienen, maar omdat niemand geweld tegen hulpdiensten en bewoners mag accepteren.
Bij ernstige geweldsdelicten moeten autoriteiten bovendien niet alleen naar strafrecht kijken, maar ook naar eventuele verblijfsrechtelijke gevolgen. Wie geen Nederlands of Europees staatsburger is en zich schuldig maakt aan zwaar geweld tegen politie, hulpdiensten of omstanders, moet na een veroordeling kunnen rekenen op de zwaarste maatregelen die de wet toestaat. Afhankelijk van de persoonlijke situatie en nationaliteit kan ook uitzetting aan de orde zijn. Niet op basis van afkomst, maar op basis van bewezen strafbaar gedrag.
Daarbij horen duidelijke maatregelen. Denk aan gerichte aanhoudingen, het gebruik van camerabeelden voor vervolging, schadeverhaal op daders, gebiedsverboden voor bekende relschoppers en sneller ingrijpen wanneer groepen bewust de confrontatie zoeken. Zulke maatregelen straffen geen normale supporters, maar maken het verschil duidelijk tussen vieren en rellen.
Niet wegkijken en niet generaliseren
De kern van het probleem vraagt om twee dingen tegelijk: niet wegkijken en niet generaliseren. Wegkijken helpt niemand. Wie doet alsof er niets aan de hand is, laat bewoners, ondernemers, agenten en normale supporters in de steek. Maar generaliseren helpt ook niet. Een hele bevolkingsgroep verantwoordelijk maken voor het gedrag van relschoppers is onjuist en maakt het gesprek alleen maar moeilijker.
De juiste lijn is duidelijker en eerlijker: in verschillende Europese steden ontstaat steeds opnieuw onrust rond wedstrijden van Marokko. Bestuurders, politie en media moeten dat probleem eerlijk benoemen. Tegelijk dragen niet alle Marokkanen schuld aan die rellen en zijn normale Marokko-supporters niet verantwoordelijk voor wat een agressieve groep doet.
Juist door dat onderscheid te maken, kun je harder optreden tegen de juiste mensen. Niet tegen een afkomst, niet tegen een vlag en niet tegen normale supporters, maar tegen degenen die geweld gebruiken, hulpdiensten aanvallen en steden onveilig maken.
Voetbal hoort een feest te blijven
Voetbal hoort een feest te zijn. Ook als het fanatiek is. Ook als mensen trots zijn op hun land van herkomst. Daar is niets mis mee. Maar trots bewijst zich niet door vuurwerk naar agenten te gooien of straten te vernielen. Wie zegt dat hij zijn land of gemeenschap vertegenwoordigt, maar vervolgens de politie bekogelt en omstanders bang maakt, schaadt vooral de mensen namens wie hij zegt te juichen.
Daarom moet de boodschap simpel blijven. Vier je overwinning, baal van je nederlaag, zing, zwaai met vlaggen en geniet van het voetbal. Maar blijf van agenten, hulpverleners, winkels, auto’s en omstanders af. Wie dat niet kan, is geen supporter maar een relschopper.
Niemand mag rellen rond Marokko-wedstrijden nog wegzetten als gewone voetbalemotie. Daarvoor gebeurt het te vaak en zijn de gevolgen te ernstig. Het is tijd om eerlijk te benoemen wat er gebeurt, zonder een hele gemeenschap over één kam te scheren. Normale supporters verdienen ruimte om feest te vieren. Relschoppers verdienen geen excuses, maar consequenties.
- Rellen rond Marokko-wedstrijden zijn geen normaal supportersgedrag - 10 juli 2026
- ‘t Jonge Ukkie – Review - 27 mei 2026
- Cryptocurrency stijgt met 68% en wint flink aan marktaandeel - 17 januari 2026






